Meer
Publicatiedatum: 07-10-2016

Inhoud

Programma onderdelen

Samenvatting

Inleiding

Voor u ligt de begroting 2017 en de meerjarenramingen voor de periode 2018 tot en met 2020 van de gemeente Montferland. Het gemeentelijk takenpakket kenmerkt zich onverminderd door grote uitdagingen. De afgelopen periode hebben de transities in het sociaal domein grote inspanningen van de gemeente gevraagd. Daarnaast lopen ook nog de meerjarige taakstellingen uit de kerntakendiscussie en het daadwerkelijk realiseren daarvan.

Wederom kunnen wij u een sluitende meerjarenbegroting 2017 - 2020 aanbieden. De aanloop hiernaartoe was grillig en in de concepten bleken we af te stevenen op een broos evenwicht. Echter de septembercirculaire Gemeentefonds, die in de slipstream van Prinsjesdag wordt opgesteld, heeft namelijk een stevige positieve impact op de begrotingssaldi 2017-2020. Deze onverwachte, ogenschijnlijke extreme, meevaller stelt ons in staat om de voorziene woonlastenstijging te beperken. Verderop komen we hier nog nader op terug.
Daarna resteert er nog een positief saldo voor alle jaarschijven. Enig "vet op de botten" is echter meer dan wenselijk: de onvoorspelbare Gemeentefondsuitkering heeft ons de afgelopen jaren meermalen verrast.
Daarnaast geeft het onze vermogenspositie een positieve impuls: onze Algemene reserve is voldoende, maar een injectie komt onze weerbaarheid ten goede. 

Daarnaast blijven we onverminderd een uitdaging houden de transitiekortingen binnen de rijksbudgetten te kunnen bekostigen. Op dit moment is de organisatie druk doende om de transformatie (oftewel ‘anders denken’) rondom de transities in gang te zetten. Door onder andere slimme verbindingen te leggen binnen de zorg, meer verantwoordelijkheden bij de samenleving neer te leggen en meer in te zetten op meer informele zorg proberen we de transitiekortingen op te vangen.  Met name de Jeugdzorg is nog steeds een onbekende. Dezelfde onzekerheid geldt in een iets minder mate voor de Participatiewet (met name de ontwikkelingen rond Laborijn).
Kijkend naar de toekomstige ontschotting (waarschijnlijk 2018), reguliere taakuitvoering (o.a. rechterlijke ingrepen bij de huishoudelijke hulp) en extra Rijkskortingen op de transitiebudgetten is het nog maar zeer de vraag of budgettaire neutraliteit de komende jaren haalbaar is.
U staat de komende jaren voor een uitdaging hier een juiste invulling aan te geven. 

In de volgende figuur is de begrotingscyclus 2017 weergegeven.

 

 

De begroting 2017 is de op één na laatste begroting in deze raadsperiode en is tot stand gekomen in een periode waarin de groei van de Nederlandse economie aanhoudt en de inflatie laag is. De economische ontwikkeling is niet uitbundig, maar er is wel sprake van inhaalgroei. De werkloosheid blijft gestaag afnemen, van 6,4% in 2016 naar 6,2% in 2017. De daling van de werkloosheid gaat langzaam, doordat niet alleen de werkgelegenheid, maar ook het arbeidsaanbod stijgt. De werkeloosheid in Montferland was in 2015 al 6,2%. In 2016 is deze verder gedaald wat betekent dat we onder het verwachte landelijk gemiddelde voor 2017 zitten.  

De begroting die nu voor u ligt is gebaseerd op de septembercirculaire. De accressen voor alle jaren zijn positiever dan bij de begroting 2016 was voorzien. Het past in het beeld van het eind van de kabinetsperiode waarin in het verkiezingsjaar het 'zoet' wordt gepresenteerd. Echter de  Algemene Uitkering is en blijft een onzekere factor. Onze begrotingssaldi worden sterk beïnvloed door het grillige verloop hiervan. De conclusie op dit moment is in ieder geval dat we ruim € 360.000 meer Algemene uitkering gaan ontvangen dan gepresenteerd bij de begroting 2016 (jaarschijf 2017).

Zoals hierboven al aangegeven blijven de decentralisaties onverminderd van het grootste belang voor de gemeenten. Bij de meicirculaire kwam naar voren, dat vanaf 2017 er sprake is van wijzigingen in de bedragen per gemeente door het gebruik van actuelere basisgegevens. De verdeling voor 2017 is dan ook het definitieve budget. Voor 2016 betekent dit een positieve bijstelling van € 0,2 miljoen, welke oploopt tot een negatieve bijstelling van bijna € 3 miljoen in 2020. Voor alle duidelijkheid: de rijksbudgetten zijn in 2016 (ten opzichte van 2015) ook al met € 1,1 miljoen gekort. Echter, bij de septembercirculaire kregen we het (onverwachte) nieuws dat de transitiebudgetten wederom neerwaarts worden bijgesteld. Gemeenten hebben minder inwoners aan wie zij zorg en ondersteuning moeten bieden en daarmee minder kosten. Voor Montferland betekent dit een extra korting van structureel ruim € 400.000. 

De komende jaren loopt de taakstelling met betrekking tot de transities op tot circa € 2,8 miljoen. Gelet op bovengenoemde ontwikkelingen wordt voorgesteld het uitgangspunt van budget neutraliteit voor de komende jaren los te laten. In 2017 komen we hier apart bij uw raad op terug. In de paragraaf transities gaan we hier verder nog op in.

 

Montferland heeft financiën op orde
De uitvoering van het gemeentelijk (financieel) beleid is de komende jaren aan te merken als gunstig. Voor de langere termijn zijn de begrotingssaldi en ons vermogen meer dan stabiel te noemen. Toch kiest Montferland er voor de komende jaren een behoedzaam en voorzichtig beleid te voeren.  

De gemeente staat voor de uitdaging om, binnen de beschikbare budgetten, de transities uit te voeren. We zijn hier volop mee bezig door onder andere slimme verbindingen te leggen binnen de zorg en meer verantwoordelijkheden bij de samenleving neer te leggen. Daarnaast wordt er nog meer ingezet op meer informelere zorg en afname van geïndiceerde zorg. Hierbij blijft gelden dat de gemeente zorg hoog in het vaandel heeft staan.

Voor de komende jaren is het zaak onze financiële positie minimaal te handhaven  om van "een gezonde financiële huishouding" te spreken. Het feit dat we nu beschikken over een financieel sterke begroting is niet zonder slag of stoot gegaan. De afgelopen jaren hebben in het teken gestaan van het op orde brengen van de financiële huishouding (o.a. twee kerntakendiscussies). 
Nog steeds is en blijft de algemene uitkering de meest risicovolle post in onze gemeentebegroting. Ook dit jaar is er weer veel onduidelijkheid en onzekerheid geweest over het Rijksgeld met op de valreep een zeer positief resultaat. Gezien de wisselvalligheid van deze rijksuitkering kan het volgend jaar weer net zo goed anders zijn.
Toch kunnen we concluderen dat als we de (fluctuerende) algemene uitkering buiten beschouwing laten, we sinds jaren het gevoel hebben weer "grip te hebben" op onze structurele financiën.

Ook in deze begroting staat Montferland nog steeds voor vitaliteit en eigenheid door de komende jaren te blijven investeren op het gebied van openbare ruimte en duurzaamheid. Projecten als "Montferland, op weg naar energieneutraal 2030" en "toegankelijkheid openbare ruimte" zijn de pijlers voor de komende periode. 

Tot slot zijn we wederom verheugd u een sluitende begroting 2017 – 2020 aan te kunnen bieden. Voor 2017 ontkomen we er niet aan de belastingen voor onze burgers en bedrijven met meer dan de inflatie te verhogen. Door noodzakelijke investeringen op het terrein van de riolering worden de tarieven voor rioolheffing aanmerkelijk verhoogd. De OZB blijft gelijk ten opzichte van 2016 en daarnaast gaan de tarieven voor de afvalstoffenheffing naar beneden.
Tot slot zijn de tarieven voor de omgevingsvergunning en de toeristenbelasting op hetzelfde niveau gebleven als in 2016.

 

Financiën
Ons uitgangspunt is altijd geweest: een “gezonde financiële huishouding” . Dat wil zeggen: het beschikbaar hebben van voldoende middelen voor de benoemde taken. De afgelopen jaren zijn we volop bezig geweest om onze financiële huishouding op orde te brengen. In de afgelopen vijf jaar hebben we twee kerntakendiscussies gevoerd en diverse andere financiële maatregelen getroffen. Desondanks hadden we steeds het gevoel dat het niet lukte om "grip te krijgen" op onze structurele financiën. Vorig jaar hebben we hiervoor de bal met name neergelegd bij de Rijksoverheid.
Als we het altijd fluctuerende Gemeentefonds buiten beschouwing laten, lijkt de nu voorliggende begroting voor de langere termijn stabiliteit uit te stralen. Echter voor de komende jaren staat op stapel een verdere aanpassing van de verdeelsystematiek van de rijksuitkering BUIG (bijstandsuitkeringen), maar ook van de Integratie-uitkering Sociaal Domein (de transities).
Dit zou de nodige gevolgen kunnen hebben voor de komende jaren.  

Kadernota 2017 
Op 30 juni 2016 heeft u de Kadernota 2017 vastgesteld. Behalve de uitgangspunten voor de (meerjaren)begroting 2017 - 2020 zijn ook de te verwachten financiële ontwikkelingen voor de komende jaren vastgelegd.
De Kadernota 2017 liet een verslechtering zien ten opzichte van de begroting 2016. Voor 2017 werd een negatief saldo verwacht van € 162.000. De jaren daarna zou deze verbeteren tot een positief saldo van € 348.000 voor 2020 en volgende jaren.

Ontwikkelingen na de Kadernota 2017 
Na vaststelling van de Kadernota 2017 zijn er diverse ontwikkelingen op ons afgekomen die onze financiële positie zowel positief als negatief hebben beïnvloed. Een grote ontwikkeling waar we niet onder uitkomen is de septembercirculaire.
De septembercirculaire, die in de slipstream van Prinsjesdag wordt opgesteld, heeft een stevige impact op onze begrotingssaldi zoals we die op dit moment kennen. Door een uitbreiding van het accres beïnvloedt de septembercirculaire de cijfers positief, oplopend tot ruim een miljoen in 2020. Voor de komst van de septembercirculaire was op collegeniveau al overeenstemming over een begroting die sloot en structureel een (beperkt) voordeel liet zien. Het moge duidelijk zijn dat de sombere jaren van de recessie achter ons liggen. In deze jaren hebben wij ook als gemeente de broekriem aangetrokken (lees twee kerntakendiscussies). Nu worden wij achterhaald door een realiteit die in korte tijd kantelt. 

Begrotingssaldo 2017 - 2020 
Op basis van de bekend zijnde ontwikkelingen, sommige concreet en sommige op basis van aannames, is de conclusie dat onze begrotingssaldi aanzienlijk zijn verbeterd ten opzichte van de vorige begroting (met uitzondering van het jaar 2017).    Onderstaand overzicht geeft het meerjarig begrotingsperspectief weer (incl. nieuw beleid).

Tabel 1: Begrotingsuitkomsten 2017 - 2020 

  2017 2018 2019 2020
Saldo begroting 19 185 462 741

 

Algemene reserve
De Algemene reserve is een belangrijke component binnen onze weerstandscapaciteit. De geraamde stand per 1 januari 2017 bedraagt afgerond € 3,2 mln. In de paragraaf “Weerstandsvermogen en risicobeheersing” hebben wij de gewenste en werkelijke omvang van de Algemene reserve geactualiseerd. Zoals uit deze paragraaf blijkt is onze weerstandscapaciteit “ruim voldoende” (ratio is 1,5).

Tot slot: Onze begrotingssaldi 2017 – 2020 zijn meerjarig reëel en structureel sluitend. Ook onze Algemene Reserve is van ruim voldoende niveau. Voor de komende jaren is het zaak onze financiële positie minimaal te handhaven om van "een gezonde financiële huishouding" te spreken. Dit kan alleen als er behoudend met de financiën wordt omgegaan waar goede onderbouwde en gemotiveerde besluiten aan ten grondslag liggen. In de toekomst is het zaak te voorkomen dat we blijven interen op ons vermogen.

 

Nieuw beleid 2017-2020
Deze raadsperiode wordt gekenmerkt door grote uitdagingen en veel nieuwe taken. Voor de langere termijn wordt gekoerst op een solide begroting en een gezonde financiële positie. Bij deze begroting stellen wij voor extra financiële middelen beschikbaar te stellen op het gebied van openbare ruimte en duurzaamheid. Projecten als "Montferland, op weg naar energieneutraal 2030" en "toegankelijkheid openbare ruimte" zijn de pijlers voor de komende periode.
Voor een volledig overzicht verwijzen we naar bijlage 4.1.

 

Woonlasten
De woonlasten (afvalstoffenheffing, rioolheffing en OZB) stijgen in 2017 met afgerond 3,5%. Een hogere stijging was voorzien door alleen al de geplande stijging met 12% van het tarief rioolheffing. Deze stijging is conform het in 2015 vastgestelde Gemeentelijk Riolerings Plan (GRP). Hoewel we vasthouden aan de tariefstijging rioolheffing geven de positieve begrotingssaldi ons de mogelijkheid om de afvalstoffenheffing te verlagen en de OZB te bevriezen.

Financiële uitkomsten

Het begrotingsperspectief 2017 - 2020 is als volgt opgebouwd.

Tabel 2: Begrotingsuitkomsten 2017 - 2020, (bedrag x € 1.000, "-" = nadeel)

  2017 2018 2019 2020
Bestaand beleid 169 427 724 1.055
Af: Nieuw beleid -150 -242 -262 -314
Saldo begroting 19 185 462 920

De voornaamste uitgangspunten en enkele kanttekeningen zijn, dat:

  • De lopende bezuinigingstaakstellingen volledig worden gerealiseerd (dus met uitzondering van hetgeen reeds als verlies is afgeboekt);
  • De lasten en baten geraamd zijn in constante prijzen, prijsniveau 2017;
  • De transities budgettair neutraal zijn opgenomen in de begroting (inclusief de korting meerjarig).

Hierna gaan we in op de onderdelen bestaand beleid.

 

Bestaand beleid
De Kadernota 2017, vastgesteld op 30 juni 2016, toonde aan dat het structurele begrotingsbeeld verslechterde ten opzichte van het meerjarenbeeld in de begroting 2016.
De uitkomsten van de begroting 2017 zijn aanzienlijk beter dan het geschetste beeld bij de Kadernota 2017. Desondanks is en blijft de algemene uitkering de meest onzekere factor binnen onze begroting.

Daarnaast wijzen we er op dat door de doorgevoerde maatregelen / taakstellingen het risico van overschrijden van budgetten groter wordt als er geen of onvoldoende maatregelen worden getroffen. Via de gebruikelijke rapportages wordt u hiervan op de hoogte gehouden.  

In de navolgende analyse geven wij de ontwikkelingen weer sinds de vaststelling van de begroting 2016. We richten ons hierbij op de jaarschijf 2017. De conclusie is dat het saldo van het bestaande beleid met € 333.000 is verslechterd.

Tabel 3: van begroting 2016 naar begroting 2017, (bedrag x € 1.000, "-" = nadeel)

Analyse t.o.v. begroting 2016 (jr. 2017)
Verwacht saldo jaarschijf 2017 502 V
Reeds voorzien in de Kadernota 2017 (blz. 11 en 12) -862 N
     
Loonkosten personeel (CAO en stijging wettelijke premies) -300 N
Prijsstijgingen (incl. budgetsubsidies) -395 N
- dekking door verhoging OZB  48 V
- compensatie gemeentefonds (hoger accres) 320 V
Subtotaal nominale ontwikkelingen -327 N
Formatiebesluiten (incl. personeel Welcom, Lindenhout en Sensire) -140 N
Regio Achterhoek (treden vanaf 2017 al uit) 165 V
Aanpassing kapitaallasten investeringen maatschappelijk nut -100 N
Realistisch ramen WMO-oude taken -243 N
Uitvoering WWB etc. 161 V
Doorberekening overhead investeringen/grondexploitatie 166 V
Verhoging bouwleges (voor de jaren 2017 - 2019) 170 V
Verschuiving in budgetten innovatiefonds en masterplan Didam 200 V
Areaal-uitbreidingen openbaar gebied (bermen, groen en wegen) -97 N
Afvalstoffenheffing: bijdrage reserve en lagere kosten 173 V
Netto algemene uitkering, prijsniveau 2017 368 V
Overig 33 V
Totaal mutaties -333 N
Saldo bestaand beleid begroting 2017 169 V

  

De afwijkingen zullen we toelichten: 

Loon- en prijsstijgingen (incl. formatiebesluiten)
Ten opzichte van de begroting 2016 zijn de netto meerkosten € 467.000 structureel (nominale ontwikkelingen € 327.000 nadelig en formatiebesluiten € 140.000 nadelig). 

Nominale ontwikkelingen
Hierbij zijn we uitgegaan van de reguliere periodieke verhogingen, stijging van de loonkosten met 1,9%, een prijsstijging van 1,2% en een prijsaanpassing van de budgetsubsidies met 1,67%. 

Formatiebesluiten
Behalve de niet-beïnvloedbare stijging van de loonsom door cao-ontwikkelingen en wettelijke premies hebben er ook formatiebesluiten plaatsgevonden over de ambtelijke formatie. Deze kosten van 2,5 fte waren ook al meegenomen in de Kadernota.
Daarnaast is er, na de vaststelling van de kadernota, nog een besluit genomen over de formatie voor het (top)sportevenementenbeleid. Dit betekent nog een netto nadeel van € 50.000.

Tot slot doen zich nog personele ontwikkelingen voor binnen de transities. Nieuwe taken en daarbij behorende formatie worden gedekt uit de transitiebudgetten.
Tot en met 2016 vindt de dienstverlening van het personeel van Welcom, Lindenhout en Sensire plaats middels subsidieverstrekking. Met ingang van 2017 komen ze in dienst van de gemeente Montferland. Dit levert de gemeente een besparing op van € 70.000 ten opzichte van de verstrekte subsidies. 

Regio Achterhoek
Op 29 september 2016 heeft de raad ingestemd met het uittreden van de onze gemeente uit de gemeenschappelijke regeling Samenwerkingsregeling Regio Achterhoek. Dit is een jaar eerder dan bij de kerntakendiscussie besloten. Dit levert een structurele besparing op van € 165.000.

Aanpassing kapitaallasten investeringen maatschappelijk nut
Bij een doorrekening van de kapitaallasten investeringen maatschappelijk nut is er een correctie gemaakt op de in eerste instantie becijferde bedragen.  

Realistisch ramen WMO-oude taken
Inmiddels is duidelijk dat de beoogde 40% bezuiniging op de Hulp bij het Huishouden (het gaat om een totale taakstelling van ca. € 1,5 mln.) niet volledig kan worden gerealiseerd. Rechtelijke uitspraken hebben er tot 2x er toe geleid dat ons beleid diende te worden bijgesteld. Het is niet langer reëel te veronderstellen dat bij de maatregelen die we nu voorstaan een verdere besparing valt te realiseren.
Naar huidige inzichten resteert er een bedrag van € 0,5 mln. In deze begroting ramen we de budgetten op een realistisch niveau en boeken we het nadeel van € 500.000 in.
De WMO vervoers- rolstoel- en woningvoorzieningen daarentegen laten reeds enige jaren een minder beroep op het budget zien. Hier kunnen we een voordeel inboeken van € 257.000. Per saldo een nadeel van € 243.000.

Uitvoering WWB etc.
Het verhoogde rijksbudget (BUIG) enerzijds en de hogere uitstroom anderzijds zorgen ervoor dat het saldo op de uitvoering nog positiever uitpakt dan verwacht in de meerjarenraming. 

Doorberekening overhead investeringen / grondexploitatie
Op grond van BBV mogen vanaf 2017 de programma's/taakvelden alleen nog belast worden met directe kosten. De kosten van overhead moeten op het taakveld Overhead verantwoord worden. In de regelgeving wordt een uitzondering gemaakt voor de grondexploitatie en investeringen. Hier mag een aandeel in de kosten van overhead toegerekend en verantwoord worden. De methodiek van toerekenen moet verankerd worden in de Financiële verordening en de toerekening van overhead moet consistent zijn. Alleen de definitie van overhead is veel ruimer dan tot nu toe gehanteerd werd. In verband hier mee wordt de toerekening van de directe personeelslasten en de overheadkosten aan de GREX en investeringen hoger dan voorgaande jaren. Voor de begroting betekent dit een voordelig effect van circa € 166.000 daar de grondexploitaties en investeringen zwaarder met toegerekende overhead belast worden. 

Verhoging bouwleges
Zoals bekend is de crisis in (o.a.) de bouw voorbij. Wij merken dat aan de grondverkopen en woningbouwplannen. Zeker op logistiek gebied blijken de verkopen goed te lopen. De begrote bouwleges hebben wij in de crisisjaren neerwaarts bijgesteld. Gezien onze volle inzet op logistiek en de aantrekkende woningbouw achten wij het reëel de bouwleges voor de komende drie jaar te verhogen met € 170.000 (toename van circa 10%).

Verschuiving van de budgetten realisatie innovatiefonds en Masterplan Didam
Het realiseren van een innovatiefonds wordt betrokken bij de economische visie welke weer onderdeel uitmaakt van de omgevingsvisie. De verwachting is dat hiermee pas in 2017 wordt gestart, waardoor de budgetten een jaar worden verschoven.
Het Masterplan Didam zit al in de uitwerkingsfase. De verwachting is dat het budget dat voor 2016 is geraamd ook toereikend zal zijn voor 2017. Hierdoor kan het budget voor 2017 worden doorgeschoven naar 2018. 

Areaal-uitbreidingen openbaar gebied (bermen, groen en wegen)
Dit betreft meerkosten onderhoud aan wegen, bermen en groen wegens toename van het aantal m2 oppervlakte. Dit betreffen o.a. Kerkwijk, Randweg, Plantsoensingel Noord etc. 

Afvalstoffenheffing: bijdrage reserve en lagere kosten
Door het voordeel op de uitvoering 2015 kan er een extra beroep worden gedaan op de reserve afvalstoffenheffing (€ 100.000). Tevens vallen diverse kosten lager uit (€ 73.000). 

Netto algemene uitkering, prijsniveau 2017
Het uitkeringsjaar 2017 is positiever, € 118 miljoen (voor Montferland € 192.000). De circulaire meldt extra uitgaven voor defensie, veiligheid, zorg, onderwijs en armoedebestrijding. Ten opzichte van de begroting van vorig jaar ontvangen we € 368.000 meer aan Algemene uitkering. De grote afwijking in positieve zin komt echter in de meerjarenraming, vanaf 2018. Dit is het gevolg van het verwerken van de middellange termijnraming (MLT) van het Centraal Plan Bureau (CPB). In de meicirculaire 2016 ging die niet verder dan de huidige kabinetsperiode, dus tot en met 2017. Met ingang van deze septembercirculaire gaat dat ook verder voor de jaren erna. Dat leidt in de jaren 2018-2021 tot een toename van maar liefst € 589 miljoen (voor Montferland ca. € 1 mln.).

Kerntakendiscussie

U heeft op 13 november 2014 de KTD 2014 afgerond. Hiermee is de basis gelegd voor een meerjarig structureel sluitende gemeentebegroting. De financiële taakstelling van de KTD is afgerond € 2,7 mln., namelijk € 0,8 mln. op de bedrijfsvoering en € 1,9 mln. op taken.

 

Taken Vanaf 2015 ligt de nadruk op het daadwerkelijk realiseren van de bezuinigingen uit de KTD. De uitvoering van de KTD besluiten worden regelmatig gemonitord.

Hieronder volgt een overzicht van de voortgang van de KTD.

Legenda:
Groen       : volledig gerealiseerd conform besluit
Geel          : nog lopend proces
Rood        : niet gerealiseerd

 

De verwachting is, dat in 2018 circa 94% wordt gerealiseerd en 6% niet wordt gerealiseerd.

Opnemen van een risico stelpost

Onderdelen van de kerntakendiscussie leiden tot een zekere onrust in de samenleving. Dit is inherent aan het feit dat het voorzieningenniveau wordt teruggeschroefd. De uitkomsten uit de septembercirculaire zijn voor het college niet leidend om besluiten uit de KTD te heroverwegen. Trajecten zijn opgestart en procedureel worden hier de juiste stappen in gezet. Het moment waarop taakstellingen gerealiseerd moeten gaan worden (lees 2018), is een potentieel risico voor onze gemeente. Ook kijkend naar het feit dat er op dit moment gewerkt wordt aan een strategische visie op spreiding van voorzieningen (in zijn algemeenheid). Het is voorstelbaar om hier met enkele KTD besluiten bij aan te haken.

Daarom stellen we in deze begroting voor om met ingang van 2018 een risicostelpost op te nemen van € 250.000 ter afdekking van lopende KTD taakstellingen die vanaf 2018 nog niet gerealiseerd zijn (maar in de komende jaren wel gerealiseerd gaan worden).

 

Bedrijfsvoering

U hebt de financiële taakstelling op de bedrijfsvoering bepaald op € 800.000. Dit moet uiterlijk in 2018 gerealiseerd zijn. Het te bereiken structureel financieel resultaat is:

2015 --> € 200.000

2016 --> € 400.000

2017 --> € 600.000

2018 --> € 800.000

 

Het college heeft inmiddels een plan voor het realiseren van deze taakstelling opgesteld en deze verloopt volledig conform de opgelegde financiële taakstelling. 

Vennootschapsbelasting (Vpb)

Per 1 januari 2016 zijn overheden verplicht om vennootschapsbelasting af te dragen over winstgevende activiteiten. De verantwoordelijke projectgroep is gestart om financiële en organisatorische gevolgen in kaart te brengen.

 

Het plan van aanpak voor de komende periode is de volgende:

  • Vaststellen openingsbalans (is in deze begroting opgenomen);
  • Er gaat een voorstel richting de belastingdienst om SOK(Samenwerkingsovereenkomst); A18 bedrijventerrein en DocksNld als een entiteit te beschouwen voor vennootschapsbelasting
  • Daarna volgt een beoordeling of cijfers volgens het Besluit Begroting en Verantwoording vertaald moeten worden naar fiscale cijfers.

 

De onduidelijkheid rond de nieuwe wetgeving is onveranderd. Veel vragen blijven onbeantwoord. De belangrijkste onbeantwoorde vragen zijn:

  • In hoeverre mag de BBV-verslaglegging gebruikt worden voor de fiscale toets voor het winstoogmerk?
  • Zijn ondeelbare activiteiten één activiteit? Zo niet, hoe bereken je dan de vennootschapsbelasting over de afzonderlijke componenten?
  • Hoe dient de rentelast te worden vastgesteld?

De doelstelling is om per ultimo 2016 inzicht te verkrijgen in bovenstaande zaken / vragen, dan wel een verantwoorde inschatting te maken van financiële en organisatorische gevolgen met bestaande informatie.